Vogeltelling voor Meetnet Urbane Soorten (MUS)

Voor het Meetnet Urbane Soorten (MUS) worden alle vogelsoorten geteld die in de bebouwde kom kunnen voorkomen. SOVON (Stichting Ornithologisch (= vogelkundig) Veldonderzoek Nederland) bepaald op welke punten in de bebouwde kom moet worden geteld. In totaal heb je maximaal 12 punten die je moet tellen. Woon je in een kleine kern dan krijg je minder telpunten toebedeeld. 

In totaal worden de vogels op elk van de 12 locaties 3x geteld, waarvan 2x in een ochtend en 1x in een avond. Vanuit de Sovon krijg je de datums door wanneer je moet tellen. Je hebt gemiddeld 3 weken de tijd om een telling te doen.

  • Een ochtend telling begint een half uur vóór zonsopkomst.
  • De avond telling is speciaal bedoeld om de gierzwaluwen te tellen – die foerageren namelijk niet in de buurt van het nest, maar komen tegen de avond terug om in groepen boven de nesten te vliegen.

Op elk punt tel je 5 minuten alle vogels die je ziet en hoort. De eerste telling ga je van 1 tot 12 en de tweede telling ga je van 12 tot 1. Je kunt de gegevens makkelijk invullen op je tablet. Dat gaat via het programma Avimap van SOVON, dan wordt ook gelijk de tijd geregistreerd die je aan het tellen bent.

Voor beginnende vogelaars is het een leuke manier om mee te starten om vogels te herkennen.

Op de foto onder zie je de 12 (door SOVON aangewezen) punten waar in Rijsbergen wordt geteld.

Tekst en foto: Rob

Locaties MUS tellingen Rijsbergen 2026